Choi Yong Sul

 

In 1904 werd de Zuid Koreaan Choi Yong sul geboren. Hij werd op jonge leeftijd door een Japanse man meegenomen naar Japan. Korea leed in die tijd onder de Japanse bezetting en veel Koreanen, waaronder de jonge Choi, vertrokken al dan niet gedwongen naar Japan.

 

In Japan leerde hij een andere man kennen, genaamd Sokaku Takeda. Takeda was een van de laatste samoerai en tevens beoefenaar van de martial art Daito Ryu Aikijujutsu. Choi werkte in het huishouden van Sokaku Takeda. Choi leerde de technieken die Takeda onderwees.

Nadat Korea haar onafhankelijkheid terug had gekregen in 1945 besloot Choi om weer terug naar Zuid-Korea te gaan. Choi besloot om hetgeen wat hij had geleerd over te brengen aan anderen. In 1951 startte hij een hapkido school in Daegu.

 

De Hapkido stijl die Choi doceerde, was uniek op het Koreaanse schiereiland en zorgde ervoor dat mensen bij hem wilde trainen. Tegelijkertijd vreesde men zijn training ook. Er zijn verhalen van het geschreeuw dat voortkwam uit de ramen van Choi’s Daegu dojang.

 

Hij bleef tot aan zijn dood in 1986 lesgeven in het hapkido.

 

Later werd Choi Yong Sul met de titel Dojunim (도주(道主)) geëerd. Dit kan vertaald worden met 'bewaarder van de weg'. Ook wordt hij wel Chang Si Ja (창시자 hanja:創始者) genoemd, wat 'grondlegger' betekent. In 1986 overleed Choi Yong-sul in de stad Daegu waar hij tevens begraven is.